Nascholing
Samen leren, goed geregeld.


Bij Intercollegiaal overleg breng je eigen casuïstiek in en bespreek je die in een kleine groep met collega’s. Wat maakt deze nascholingsvorm nou zo waardevol? We interviewden Yvette Schlotter, Specialist Dermatologie, Diplomate ECVD. Zij begeleidde verschillende keren intercollegiaal overleg over dermatologie bij gezelschapsdieren en we waren benieuwd naar haar ervaringen.
Wat is jouw rol bij deze overleggen?
Ik heb vooral een begeleidende rol. Degene die de casus aandraagt, legt deze voor aan de groep. De dierenartsen bespreken gezamenlijk casuïstiek, opwerking en behandelingsmogelijkheden. Ik probeer op de achtergrond te blijven en in te springen en aan te vullen als ze spaak lopen of de structuur uit het oog verliezen en te lang blijven hangen in details. Dat doe ik dan vooral door vragen te stellen of aan te geven wat meer of minder waarschijnlijk is.

Wat is wat jou betreft het voordeel van Intercollegiaal Overleg (IO) ten opzichte van andere nascholingsvormen?
Intercollegiaal overleg is uniek. Je zit en luistert niet alleen, maar je gaat samen aan de slag met casuïstiek die iedereen ziet in de praktijk en krijgt (onderbouwde) tips en mogelijkheden van anderen aangereikt. Je neemt veel meer mee dan bijvoorbeeld tijdens een lezing, waarbij er minder interactie mogelijk is, de specialist het onderwerp kiest, maar mensen over het algemeen ook minder graag vragen stellen.
Het is super jammer dat we dit zo weinig doen.

Wat maakt IO volgens jou zo waardevol voor dierenartsen in de dagelijkse praktijk?
Deelnemers komen zelf met patiënten en uitdagingen waarmee ze vastlopen in de praktijk. Soms wordt er in een heel uur maar één patiënt besproken, waarin dan bijv. alle aspecten van de hele opwerking aan de orde komen, omdat andere deelnemers ook weer vragen stellen. Je doet het samen. Je bent er voor elkaar. Het voelt heel laagdrempelig. Deelnemers zijn vaak heel open omdat ze elkaar al kennen uit een eerdere sessie en omdat de groep kleinschalig is, is er geen angst of onzekerheid. Alles wordt op tafel gegooid.

Kun je een voorbeeld geven van een positief gevolg van intervisie?
Soms is er simpelweg meer tijd nodig om een complexe patiënt te bespreken en gezamenlijk informatie uit te wisselen, dan mogelijk is bij standaard nascholing. Bij intervisie is er meer mogelijkheid om te focussen op een specifiek probleem. Zeker als het gaat om ‘frustrerende patiënten’. Gezamenlijk bespreken leidt tot een nieuwe boost en enthousiasme. Zo besteden we bijvoorbeeld ook aandacht aan de communicatie met de eigenaar van de chronische dermatologische patiënt, zodat dat geen punt van frustratie wordt, aangezien dit een heel belangrijk onderdeel is binnen de dermatologie. Begrip van de eigenaar over de (achtergrond) van de aandoening, maar ook m.b.t. prognose en behandelingsmogelijkheden is heel belangrijk, zodat de eigenaar bewuste keuzes kan maken. Met name ook omdat de eigenaar een intensieve rol blijft spelen in de behandeling.

Het spannende aan deze vorm van nascholing is dat je in een groep met vreemden deelneemt. Hoe zorg je ervoor dat deelneWat zou je zeggen tegen een dierenarts die twijfelt om deel te nemen?
Je hebt zelden de mogelijkheid zoveel tijd te besteden om iets uit te diepen met jouw collega’s in de praktijk. Dit is uniek, laagdrempelig, gezellig en je kunt dus gezamenlijk sparren over iets interessants. Er komt zoveel aan bod, dus je neemt áltijd iets mee. Soms over de communicatie naar de eigenaar, soms over de opwerking of een ander inzicht. De onderwerpen kunnen heel goed gestuurd worden door de interesses van de deelnemers zelf. Doe gewoon eens mee zodat je zelf kan ervaren hoe leuk en waardevol het is!mers zich durven uitspreken?
Mijn ervaring is dat dit meestal ontspannen verloopt. Maar het gaat ook om ons als mens. Ik besteed dan ook altijd tijd aan een voorstelrondje. Daarnaast focus ik me op interactie. Als begeleider kun je veel betekenen voor mensen die zich meer op de achtergrond houden. Door ze erbij te trekken en gericht vragen te stellen kunnen zij ook hun waardevolle input leveren. Dit heeft vaak tot gevolg dat er een open, gezellige, ontspannen sfeer ontstaat waarin iedereen betrokken is en er naar elkaar geluisterd wordt. Er is in de meeste gevallen sprake van herkenning en daardoor draagt iedereen wel bij in de bespreking. Over het algemeen merk je dat er geen drempel is om problemen waar men tegenaan loopt rondom hun patiënten te benoemen.
Oudere en jongere dierenartsen vullen elkaar mooi aan.

Voor wie is intercollegiaal overleg volgens jou vooral geschikt?
Ik denk dat dit vooral voor de jongere dierenartsen heel fijn kan zijn. We zien veel jonge dierenartsen de praktijk verlaten binnen de eerste vijf jaar. Een belangrijke oorzaak voor uitval is vermoedelijk stress. Vanzelfsprekend om verschillende redenen, maar o.a door onzekerheid, het gevoel te hebben niet ‘vrij’ te kunnen zijn, het gevoel te hebben zich aan te moeten passen aan de al gangbare manier van werken. Zowel op medisch gebied, maar ook in de communicatie. Intercollegiaal overleg ondersteunt ze op beide gebieden.
Het mooiste is wel om een gemengde groep te hebben. Oudere en jongere dierenartsen vullen elkaar goed aan. Jongere dierenartsen stellen vaak goede vragen waardoor oudere dierenartsen denken: ‘Waarom die ik dit eigenlijk al tien jaar zo?’ De oudere dierenartsen op hun beurt brengen natuurlijk een heleboel nuttige praktische ervaring mee. Er is dus voor iedereen altijd iets te leren of nieuwe inzichten op te doen, jong of oud.
Doe gewoon eens mee zodat je zelf kan ervaren hoe leuk en waardevol het is!

Wat zou je zeggen tegen een dierenarts die twijfelt om deel te nemen?
Je hebt zelden de mogelijkheid zoveel tijd te besteden om iets uit te diepen met jouw collega’s in de praktijk. Dit is uniek, laagdrempelig, gezellig en je kunt dus gezamenlijk sparren over iets interessants. Er komt zoveel aan bod, dus je neemt áltijd iets mee. Soms over de communicatie naar de eigenaar, soms over de opwerking of een ander inzicht. De onderwerpen kunnen heel goed gestuurd worden door de interesses van de deelnemers zelf. Doe gewoon eens mee zodat je zelf kan ervaren hoe leuk en waardevol het is!

Wat levert het begeleiden van deze overleggen als specialist op vergeleken met andere vormen van nascholing?
Ook voor ons is dit een speciale vorm van nascholing. Dit is de enige nascholingsvorm waar je zo direct betrokken bent bij de deelnemers. Meestal geef je een lezing. Die zijn over het algemeen weinig interactief. Maar in het intercollegiale overleg ben je eigenlijk ook een deelnemer, één van de personen aan tafel, met alleen een andere functie. Ik kan in gesprek gaan met de mensen uit de eerste lijn, het is belangrijk te weten wat de belangrijkste problemen (en patiënten) zijn waar de dierenarts in de eerste lijn mee te maken heeft. Het is ook waardevol om direct en persoonlijk contact te hebben met de dierenartsen waarvan je normaal de patiënten ziet of het dossier doorneemt.

Onlangs promoveerde Isaura Wayop op verantwoord antibioticagebruik in de veehouderij. Samen met haar projectteam ontwikkelde zij een leertraject dat de naleving van de richtlijn voor het gebruik van antibiotica bij Streptococcus suis-infecties bij gespeende biggen aanzienlijk heeft verbeterd.
Één van de succesfactoren was het intercollegiaal overleg tussen dierenartsen, waarin praktijkervaringen werden gedeeld en casussen werden besproken. Dit leertraject leidde tot meer kennis, bewustwording en veranderingen in houding en werkwijze van de deelnemende dierenartsen. Dankzij deze gestructureerde aanpak daalde het antibioticagebruik op de probleembedrijven met bijna 50%. Het initiatief onderstreept het belang van samenwerking en kennisuitwisseling binnen de dierenartsenpraktijk, en laat zien hoe goed dierenartsen hier gezamenlijk in kunnen optreden.
Misschien kunnen we je helpen bij het opstarten van je eigen intercollegiaal overleggroep. Bekijk onze website.